
Nieuws
Uit de laatste cijfers blijkt dat de Chinese industrie het nog altijd goed doet, ondanks risico’s als de hoge grondstofprijzen en nieuwe COVID-besmettingen. De Chinese premier Li Keqjang kreeg vorige week tijdens een bezoek aan de industriële haven van Ningbo (Oost-China) van enkele topmanagers van productiebedrijven klachten te horen over de sterk stijgende grondstofprijzen.
Onder grote druk
Een producten van huishoudelijke apparaten gaf hierbij aan dat de bedrijfsvoering onder grote druk staat door de steeds stijgende kosten van ruwe materialen. Een manager van een fabrikant van koperen koppelstukken meldde dat het ondanks de hogere inkoopkosten alleen konden bolwerken dankzij de extra overheidssteun, zoals extra aftrekposten. Volgens de Chinese premier hebben niet alleen grote ondernemingen last van die stijgende grondstofprijzen op de wereldmarkt. Ook kleine bedrijven en eenmanszaken hebben ermee te kampen. Hij gaf aan hun klacht te begrijpen, maar als de kosten worden doorberekend, consumenten dit wel zullen gaan merken.









